23 februari 2023

Tussen huiswerk en hobby

‘Zeg, heb jij geen huiswerk?’

Die vraag wordt regelmatig door een bezorgde ouder gesteld aan een gamende of netflixende holbewoner, genaamd puber. Deze laatste hangt dan in ‘standje strandstoel’ op de bank of ligt in de eigen ‘cave’ op de vloer of op het bed. Bezig, maar niet met school.

En het is nog niet eens etenstijd.

Waar komt die bezorgdheid vandaan? Nou, wanneer je om pakweg 16.30 uur je kind in die stand vindt, duidelijk níet bezig met huiswerk, hoewel toch wel met een soort van werk thuis, maar dan weer níet voor school, dan is er blijkbaar iets mis. Zelf kwam je dan óók rond die tijd thuis uit je werk, of wás je al thuis, dat kan allemaal. In het laatste geval ving je misschien je kind keurig op met de vraag: ‘Hoe was het op school?’ Zinloos, want meestal wordt die vraag slechts beantwoord met een grom, zucht, of (zowaar) een tekst als: ‘Saaaaai’…Standaard volgende vraag: ‘Heb je nog..?’

Huiswerk.

Alleen het woord al is ooit volkomen verkeerd gekozen, want je zou eerder denken aan het schilderen van je kozijnen, het leggen van een nieuwe vloer of het aanbouwen van een eh…aanbouw. Werken aan je huis dus. ‘Thuiswerk’ was een betere keuze geweest, maar ja, krijg dát er maar eens in, hoewel het wérkwoord ‘thuiswerken’, zeker sinds de coronacrisis, al helemaal is ingeburgerd.

We geven in Nederland al bizar veel les, vergeleken met een hoop andere landen. En dan vinden we blijkbaar dat die leerlingen na een lange lesdag vooral thuis ook nog eens flink aan de slag moeten.

Waaróm?

Er zijn docenten die zeggen dat ze het lesprogramma ‘er niet door krijgen’ in de reguliere lestijd. Misschien is er dan iets mis met dat lesprogramma? Willen we dan teveel, zelfs met dat hoge aantal lesuren?

Het is misschien vloeken in de kerk, maar ik ben geen voorstander van veel huiswerk. Natuurlijk, leren voor een toets doe je gedeeltelijk thuis. Een grotere opdracht, een onderzoekje, een interview, een taaltaak waarbij je een programma moet kijken en daar vragen over gaat beantwoorden, dat is prima om thuis te doen. Leren plannen gaat ook niet lukken wanneer je nóóit iets thuis hoeft te doen. Wat extra oefenen met sommen of zinnen die je moeilijk vindt. Prima en zinvol. Je kan je ouders ook nog wat leren misschien. Zo hoorde ik tijdens de afgelopen driehoeksgesprekken dat een leerling uit m’n mentorklas aan haar ouders uitgebreid álles over de moord over Julius Caesar vertelde tijdens het eten. Mijn collega van geschiedenis had dus in elk geval een goed verhaal verteld, misschien niet eens huiswerk meegegeven, maar dat werd het in dit geval vanzelf.

In mijn schooltijd in het v.o. gebeurde het nog regelmatig dat een docent helemaal aan het eind van de les het huiswerk achter je aan riep én het moest de volgende dag af…Zo leerde je natuurlijk nóóit plannen. Dat gaat gelukkig niet meer zo. We kunnen via de digitale leeromgeving ruim van tevoren leerstof aangeven én ook laten zien wanneer iets af moet zijn, ingeleverd moet worden of wanneer er een toets is.

Niet elke leerling is gebaat bij ‘vroeg naar huis gaan en veel thuis doen’. Wanneer jouw ouders pas tegen etenstijd thuis komen, zijn tot die tijd misschien de ver- en áfleidingen van bijvoorbeeld social media wel erg groot. Bovendien kun je niets meer vragen aan een docent en wellicht pas ’s avonds weer aan je ouders. Als die daar al zin in hebben. Dan is soms een uurtje langer naar school (Wát? Nóg langer? En we gíngen al zo lang?’) en daar je huiswerk doen zinvoller. En dat je dan ook kláár bent wanneer je thuiskomt.

Over het algemeen hoor ik dat onze leerlingen nog genoeg tijd hebben voor hobby’s, sport, ontspanning. Dat is ook héél belangrijk. Ook dáárdoor leer je dingen, ontmoet je andere mensen, ontdek je wie je bent.

Laten we eerlijk zijn, welke volwassene zit erop te wachten na werktijd nog urenlang bezig te zijn met datzelfde werk? Oké, soms moet het even, misschien omdat je zelf iets achterliep. Maar dan noemen we het opeens ‘overwerk’ en krijgen we er vaak nog extra voor betaald ook.

Officieel mogen we leerlingen tot 16.30 op school houden, om bijvoorbeeld iets af te maken, achterstallig werk te doen. Overwerk? Zoiets, hoewel niet betaald. Dat bijbaantje, waardoor een leerling vaak zegt: ‘Ja, maar ik moet werken, dus ik kán niet!’, wél.

Het gaat om de balans. Je tijd op school zo nuttig mogelijk besteden, vragen stellen aan de docent of een klasgenoot. Hard werken. Dat scheelt huiswerk. En leren voor die toetsen en nog wat andere dingen, oké, het hoort erbij……deal with it. Plan het en zorg dat je tijd overhoudt voor andere dingen.

En vraag voor de grap eens aan je ouders, wanneer ze voor de t.v. zitten of op hun mobiel:

‘Hey, heb jij geen (t)huiswerk?’

Bert Jansen
Docent VC Twello